27/07/2026
"Er is niets gevonden op de scan."
Het is een van de meest verwarrende zinnen die je als patiënt kunt horen.
Je hebt pijn. Elke dag. Je hebt weken gewacht op de uitslag. En dan zegt iemand dat de scan of foto er goed uitziet.
Wat de meeste mensen daarna horen, of denken te horen: "er is dus niets aan de hand." Of erger: "het zit tussen uw oren."
Dat volgt er niet uit. En het is belangrijk om te snappen waarom niet.
WAT EEN MRI, CT-SCAN OF RÖNTGENFOTO WEL EN NIET LAAT ZIEN
Deze beeldvorming laat structuur zien. Vorm, positie, weefsel. Is er een hernia, is er een spierscheur, is er een tumor, staat er iets scheef etc.
Wat het niet laat zien is wat er biochemisch gebeurt in dat weefsel. Welke stoffen er zitten. Hoe zuur het is. Of pijnzenuwen daar op scherp staan.
Daar is zo'n beeldvormende techniek niet voor gemaakt.
Dus als iemand zegt dat er niets te zien is, klopt dat. Maar dan is er gekeken naar één soort informatie. Niet naar alle.
MAAR WAT ZOU JE TEGENKOMEN ALS JE OOK 'IN' JE SPIEREN ZOU KUNNEN KIJKEN?
Tijdens mijn scriptie over triggerpoints (spierknopen) in 2009 bestudeerde ik allerlei wetenschappelijke publicaties. Waaronder de studies van dr. Jay Shah e.a. uit 2005 en 2008.
Shah gebruikte een microdialysenaald: een continu doorspoeld, microscopisch slangetje dat lokale stoffen uit het weefsel opving. Dat vergeleek hij nauwgezet: actieve (klachten veroorzakende) triggerpoints werden afgezet tegen zowel latente triggerpoints als volledig gezonde spierlocaties, zowel binnen dezelfde personen als bij onafhankelijke controlegroepen.
Toen vergeleek hij wat erin zat.
Het verschil was groot. In het pijnlijke punt was het biochemisch een compleet andere omgeving. Verhoogde ontstekingsstoffen. Stoffen die pijnzenuwen activeren. Stoffen die de pijndrempel verlagen. En het was er zuurder. Zuur genoeg om op zichzelf al pijn te veroorzaken.
Triggerpoints zijn op de standaard beeldvorming niet zichtbaar. Ze zitten in het functioneren van het weefsel, niet in de structuur.
Twee dingen die dus tegelijk waar kunnen zijn: de scan of foto is schoon, en er is aantoonbaar iets aan de hand.
WAAROM HET BLIJFT ZITTEN
Die stoffen staan niet los van elkaar. Ze houden elkaar in stand.
Pijnzenuwen geven stoffen af die afweercellen aantrekken. Die afweercellen maken ontstekingsstoffen. Die verlagen de pijndrempel. Een lagere pijndrempel betekent meer pijnsignaal en meer spierspanning. Meer spanning betekent minder doorbloeding. Minder doorbloeding maakt de omgeving zuurder. En zuurder betekent dat de pijnzenuwen weer meer van die stoffen afgeven.
Rondje klaar. Volgende rondje.
Daar is geen nieuwe schade voor nodig. Het systeem houdt zichzelf alleen al biochemisch gezien draaiende.
Voor veel mensen is nieuwe informatie. Een puzzelstukje wat mede verklaart waarom het maar niet ophoudt.
ALS JE MIGRAINE OF FIBROMYALGIE HEBT
Eerst even genuanceerd zijn. Shah onderzocht triggerpoints in spieren. Niet migraine, niet fibromyalgie.
Maar er is wel iets opvallends.
Een van de stoffen die Shah verhoogd aantrof in triggerpoints heet CGRP. Diezelfde stof speelt een centrale rol bij migraine. Zo centraal, dat de nieuwste generatie migrainemedicijnen precies daarop is ontwikkeld: middelen die CGRP blokkeren. Voor veel migrainepatiënten is dat de grootste vooruitgang in jaren geweest.
Met andere woorden: een van de figuurtjes op deze tekening is de stof waar de moderne migrainebehandeling zich op richt.
Dezelfde chemische pijnprikkels en ontstekingsmediatoren spelen een grote rol bij fibromyalgie, maar in plaats van lokaal in één spierknoop (zoals bij een triggerpoint), is het bij fibromyalgie een systemisch en centraal probleem waarbij het hele zenuwstelsel en de pijndrempel ontregeld zijn.
Verder hebben mensen met fibromyalgie en mensen met chronische hoofdpijn vaak veel actieve triggerpoints, wat o.a. destijds al werd bewezen door de vele publicaties van De Las Peñas et al. en ook decennia eerder al in kaart werd gebracht door o.a. Dr. Travell & Dr. Simons.
Dat verklaart de aandoening niet. Maar het doet wel mee in het totaalplaatje, en het wordt zelden genoemd.
Ook zie ik ze bijna altijd terug bij mensen met een mind-body syndroom (TMS). En nee, dat is niet hetzelfde als "het zit tussen uw oren". Het is precies wat je hierboven hebt gelezen: echte stoffen, in echt weefsel, aangestuurd door een zenuwstelsel dat op scherp is komen te staan. Je pijn is niet ingebeeld. Hij is alleen niet zichtbaar op de apparatuur waarmee gekeken is.
Een normale uitslag betekent dat er niets gevonden is met dát onderzoek. Meer betekent het niet.
OVER DE TEKENING
Ik heb de stoffen uit dit onderzoek laten uitbeelden als figuurtjes, die denk ik zowel begrijpelijk zijn voor patiënten als voor professionals.
Twee dingen daarover. De stoffen in de bovenste groep zijn daadwerkelijk gemeten in dit onderzoek. De onderste groep komt uit andere pijnliteratuur en zat niet in dat meetpanel, maar die zijn hier wel bij betrokken.
In mijn ervaring: hoe minder van deze actieve punten, hoe beter. En daar is gelukkig wat aan te doen, zonder naalden of pijnlijke massages.
Ben je zorgverlener en wil je de tekening gebruiken in je praktijk? Ga je gang. Bronvermelding stel ik op prijs.
Herken je dit? Deel het gerust met iemand die te horen heeft gekregen dat er niets gevonden is.
Naar het microdialyse-onderzoek van Jay P. Shah et al. naar het biochemische milieu van myofasciale triggerpoints, NIH, 2005 en 2008.