24/10/2024
Haar lichaam schokte zachtjes, haar verdriet, zo leek het wel, werd uit de diepste lagen van haar lichaam omhoog gehaald. Haar adem kon ze niet vinden. Het was oerverdriet. Het verdriet van een ouder bij het verliezen van een kind, de schreeuw van een moeder, machteloos, zonder enig geluid, ... Een oneindige uitademing van verdriet, zo leek het.
"Ik kan jullie niet redden... En... Jullie kunnen mij niet redden...".
Heel langzaam sprak ze het uit, terwijl ze naar de opstelling keek die zich voor haar ontvouwde.
Tranen stroomden. Het veld bleef open, zolang als het nodig zou zijn, om al dit verdriet te laten landen en, misschien wel voor het eerst echt voor zichzelf te kunnen ademen.
Ik keek toe in stilte, haar alle ruimte gevend die nodig was. Haar lijf boog mee met het verdriet, het schokken werd intenser.
En terwijl ze langzaam zichzelf naar achteren verplaatste, weg van zij die niet gered konden worden, kon ook langzaam het verdriet wegebben, en misschien liet ze het zelfs daar waar het thuishoorde...
En langzaam, heel langzaam zag ik haar haar longen vullen, haar ogen gesloten en met licht open mond de eerste vrije adem nemen, in en uit.
Haar gezicht ontspande, net als haar lijf. Ze deed haar ogen open en knipperde, terwijl ze haar longen vulde met de vrije lucht die nu voor haar beschikbaar was.
Zonder te kunnen vermoeden wat dit verder voor haar (en voor mij) zou betekenen, liet ik haar gaan. Misschien is ze wel voor het eerst vrij. Vrij om voor zichzelf te bewegen, wat dat ook mogen betekenen.
En jij? Ben jij vrij om voor jezelf te kunnen bewegen?
Weet je dat zeker?
Laat het je goed gaan,
Van harte,
Kim