12/10/2026
“Ik had nog nooit van palliatief gehoord voordat ik ziek werd.”
Kasper (64) heeft NET-kanker. Toen hij te horen kreeg dat hij ongeneeslijk ziek is, sloot hij zich volledig af van de wereld. “Ik dacht: ‘Ik ga weg bij mijn vrouw, want dat is makkelijker voor haar’. Ik voelde me schuldig dat ik ziek was en haar in de steek liet. De ziekte was tussen ons in komen te staan.”
Hij had het gevoel dat hij het zelf moest fixen. “Ik had behoefte aan begeleiding, maar wilde het niet zeggen. Want ik was flink, stoer, sterk en groot.” Uiteindelijk zocht hij wel hulp, omdat hij slechte gewoontes ontwikkelde om te dealen met de pijn.
“Het had mij in die fase geholpen als iemand tegen mij had gezegd: ‘Doe eens even normaal’.” Want volgens hem komt er in die fase veel op je af. “Je bent uit het veld geslagen, je bent op je zwakst. Dat vraagt veel.”
Kasper schreef het boek ‘Echt de Sjaak’ en sprak met veel lotgenoten en andere 'sjaken', zoals hij dat noemt. “Mensen die echt niet weten waar ze de hulp om te praten kunnen zoeken.” Want praten over hoe het met hem gaat, maar ook over onderwerpen zoals zingeving, helpen Kasper beter met zijn ziekte om te gaan.
Daarin doet hij een belangrijke oproep aan zorgverleners: “Jullie kunnen helpen om inzichtelijk te maken dat, ook al voel je je goed, je nog wel belangrijke zingevingsvragen hebt. Bijvoorbeeld: wie ben ik als ik niet meer kan werken?”
Maar ook dat het niet vanzelfsprekend is dat je aan de buitenkant kunt zien hoe het echt met iemand gaat. Zijn advies aan iedereen is om vooral meer open vragen te stellen en de tijd te nemen voor het antwoord. "Blijf nabij.”
Gelukkig vonden hij en zijn vrouw elkaar weer terug. “De liefde is sterker. We hebben weer voor elkaar gekozen met alles wat er speelt.” Ook vertelt hij: “Ik ben hele andere dingen gaan waarnemen dan voor mijn ziekte. Groot genieten van klein geluk, zeg ik ook wel eens. Wat vind je nu belangrijk? Dat is volgens mij kwaliteit van leven, en daar mogen we meer over praten.”