28/05/2026
Soms merk je pas hoeveel je jezelf verdooft wanneer je eindelijk even stilvalt.
Je eet iets lekkers om je beter te voelen. Je zet een serie op Netflix aan om niet te hoeven voelen wat er werkelijk speelt. Je scrolt, shopt, drinkt, werkt harder, zoekt afleiding, aandacht of bevestiging.
Maar wat je dan werkelijk doet, is bij jezelf weg bewegen. Niet omdat je zwak bent. Maar omdat je zenuwstelsel ooit heeft geleerd dat voelen onveilig is. Dus zoekt het naar iets bekends. Iets wat spanning dempt. Iets wat je tijdelijk een gevoel van rust, controle of comfort geeft.
Alleen is tijdelijke verdoving geen รฉchte veiligheid. Want wat je onderdrukt verdwijnt niet. Het blijft onder de oppervlakte aanwezig.
In onrust.
In vermoeidheid.
In spanning in je lichaam.
In het gevoel dat je ergens afgesneden bent van jezelf.
Door jezelf te blijven verdoven kun je niet helen. Werkelijke vrijheid ontstaat wanneer je bereid bent aanwezig te blijven bij wat gevoeld wil worden.
Bij de pijn.
Bij het verdriet.
Bij de leegte.
Bij de angst.
Niet om erin vast te blijven zitten, maar zodat het eindelijk gezien kan worden. Want onder al die lagen van overleven zit een deel van jou dat simpelweg verlangt naar liefde. Naar zachtheid. Naar veiligheid in jezelf.
De vraag is niet รณf je jezelf verdooft. Dat doen we allemaal op onze eigen manier. De echte vraag is:
Ben je bereid om te stoppen met weglopen? Om stil te worden en te voelen wat er werkelijk onder de oppervlakte speelt?
Daar begint heling. Niet in nรณg meer doen. Maar in aanwezig durven zijn.